Resultaat van uw zoekopdracht (lijst)

Alle foto's. (foto 4114 t/m 4122 van 5620 op 625 pagina's)
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0315
Titel: School Scheepsbouwplein
Locatie: Alblasserdam, Scheepsbouwplein 2953XM
Afkomst: Collectie Cor de Keizer
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0317
Titel: School Potgieterstraat
Locatie: Alblasserdam
Afkomst: Collectie Cor de Keizer
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0318
Titel: Speeltuin Kinderdijk
Locatie: Alblasserdam, Fop Smitstraat 2953XC
Afkomst: Collectie Cor de Keizer
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0320
Titel: Corns. Vroege Stichting
Locatie: Alblasserdam, Cortgene 2951EA
Beschrijving: Cornelis Vroege Stichting. In Alblasserdam stond sinds 1936 een flink gebouw, de Cornelis Vroege Stichting. Het was, conform de wens van de schenker, voorbestemd om als ziekenhuis te gaan dienen. Cornelis Vroege (1848-1925) liet hiervoor een legaat van 100.000 gulden na, dat eind 1935 vrijkwam. Het zou echter nog jaren duren voor het de bestemming van ziekenhuis kreeg. Het ziekenhuis heeft lange tijd dienst gedaan als verzorgingshuis, onder andere voor Tbc-patiënten. Vanaf 1953 tot 1972 maakte het ziekenhuis naam als orthopedische kliniek van de chirurgen dr. C.P. van Nes en zijn zoon J.F. van Nes, die er van 1962 tot 1971 werkte. Hoe kwam deze veelbesproken en kundige arts in Alblasserdam terecht? Dr. C.P. van Nes was als chirurg/orthopeed verbonden aan de Anna Kliniek in Leiden. Als uitvloeisel van meningsverschillen op organisatorisch gebied met het Academisch Ziekenhuis in Leiden kreeg hij op 31 december 1951 zijn congé als directeur/geneesheer van de kliniek. De gemeente Alblasserdam was in die tijd druk doende om het gebouw van de Cornelis Vroege Stichting , dat leeg stond, de bestemming te geven waarvoor het was opgezet. In 1952 gaf de gemeenteraad toestemming om het gebouw aan dr. Van Nes te verhuren voor 3.500 gulden per jaar. Na een grondige verbouwing opende de orthopedische kliniek op 25 augustus 1953 de deuren. Vanaf 1972 functioneerde het gebouw als medisch centrum. Uiteindelijk is het pand in 1996 gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw woningen. Opdat de Cornelis Vroege Stichting niet vergeten zal worden, is woensdag 20 juni 2011 een herinneringsmonument geplaatst op de groenstrook bij het Van Nesplantsoen/Vijverhof in Alblasserdam. Zie het artikel in het kwartaalblad 2005-2 van de Historische Vereniging West-Alblasserwaard door A. Korpel
Afkomst: Collectie Cor de Keizer
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0324
Titel: Beukmolen
Locatie: Alblasserdam
Beschrijving: De z.g. Beukmolen aan het einde van de Weering tegen­over de terreinen van Vroege, was een hennepklopper, die uit het hennep de vezels klopte voor verwerking in de garenspinnerij van Van der Lee aan het Zuiderstek. Bij deze garenspinnerij was ook langs het Stek een garenblekerij. Na de verwerking gingen de garens naar de zeildoekweverij. Deze zeildoekweverij stond onder aan de Blokweerstoep, ter hoogte van de Ieplaan in de polder Blokweer. Achter de weverij liep de z.g. weverijsloot. De zeildoekweverij is circa 1840 gesticht door de heer C. G. van der Lee (afkomstig uit de Zaanstreek), die rond 1855 voor het werk Schotten naar Nederland haalde, om hier het vak uit te oefenen. In die tijd waren in Aberdeen reeds stoommachines in gebruik, die hier nog volkomen onbekend waren. Met de mensen kwamen ook de machines en in die tijd is ook de Beukmolen ge­bouwd. Op een stenen onderbouw was de van hout opgetrokken molen een tijdlang een bekend beeld langs de Noord, totdat zij in 1904 werd afgebroken en over­gebracht naar Nieuw-Lekkerland, waar zij tot 1938 naast het kantoor van Betonfabriek Den Boer heeft gestaan. Eigenaar was eerst H. de Jong en later de broers Hillegondus en Jan de Lange. Het stenen gebouwtje naast de Beukmolen deed dienst als opslag van de aangevoerde hennep. Tussen de Beuk­molen en Vroege lag het Kielgat en om het omlopen via de Kade en de Weering te vermijden heeft jaren­lang bij Vroege een houten rolbrug gelegen, die uitge­rold kon worden om het Kielgat te overbruggen. Op de voorgrond vaart de W.F. Leenmans van de rederij Fop Smit & Co. Achter de Leenmans is nog juist het dak te zien van de Sloepenmakerij, waar de Papiergarenfabriek was ge­vestigd. De Sloepenmakerij was oorspronkelijk de timmerloods van de werf van Von Lindern, waar zeilsche­pen met de bijbehorende sloepen werden gebouwd. Met de komst van de stoomschepen verdween deze werf en als overschot bleef de sloepenloods bestaan. Vooral voor de Holland-Amerika Lijn zijn toen veel sloepen ge­bouwd. Daarbij was de opzet de sloepen van een kiel te voorzien, die uit één stuk bestond, dus zonder las. En als het mogelijk was de boorden eveneens. Aange­zien sloepen tot een lengte van 9 a 10 meter werden gebouwd, werd het op den duur steeds moeilijker de vereiste lengten hout te krijgen, wat er door de zware concurrentie mede toe geleid heeft dat aan het be­staan van de sloepenmakerij een einde kwam. Ook wer­den wel reddingsboten in diverse uitvoeringen ge­maakt. Een bekende baas was hier Kees Verschoor. Voordat een sloep afgeleverd werd, werd eerst een kwaliteitsonderzoek gehouden door de Scheepvaartinspectie, waarbij het de opzet was een certificaat le klasse te krijgen. Ten tijde van de bloei gebeurde het wel dat schipper Van Houwelingen met zijn Straat Sunda soms 30 sloe­pen tegelijk achter zijn bootje naar Rotterdam bracht.
Afkomst: HVWA
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0325
Locatie: Alblasserdam
Beschrijving: In 1841 vraagt scheepsbouwer Cornelis Smit aan zijn werfbaas F. Kloos of deze kans ziet op zijn werf een grote houtzaagmolen te bouwen omdat de houtzagers het werk niet aankunnen. De werf is dan druk met werk bezet, wat wel blijkt als men weet dat hier in 1840 vijf grote schepen op stapel staan, waarvan er op 17 juli drie tewater gelaten worden. Floor Kloos, die van oorsprong molenmaker is, geeft op deze vraag een bevestigend antwoord en in 1842 is de houtzaagmolen klaar. In de zijgevel komt een gedenk­steen met de volgende tekst: De legger van den eersten steen Der stichter kunde niet alleen Maar tevens onvermoeid in streven Om aan vele handen werk te geven. Der maatschappij een nuttig lid Dit is de Heer CORNELIS SMIT. 21 maart 1842 De nieuwe molen is bijzonder fraai gemaakt en op de trappen liggen zelfs lopers! Maar als er eenmaal goed gewerkt wordt, zijn deze al gauw verdwenen. Tot aan de balie, de z.g. omloop om de molen tellen de trappen 81 treden en als men de nok van de molen bereikt heeft, heeft men 115 treden onder zich gelaten. In de molen bevinden zich 6 houtzaagramen, waar even­zoveel balken of bomen op gezaagd kunnen worden. Voor de molen zijn schuiven, waarop door middel van kettingen de balken de houtzaagmolen ingetrokken wor­den. Het ruwe hout wordt met vlotten over water aan­gevoerd en is meestal afkomstig van de Groothandel Hoogstraten te Dordrecht. Via de kreek achter het voor­malige postkantoor worden de vlotten onder de bruggen van de le en 2e kade gesleept, waar zij in het Balkengat arriveren. Iephout laat men zinken om het na een jaar weer boven water te halen waardoor 'werking' van deze houtsoort voorkomen wordt. Het drijvende hout op de foto is hoogstwaarschijnlijk dennehout. Het gezaagde hout wordt links van de molen netjes op balkjes opgestapeld om doorzakken te voorkomen. Be­kende houtzagersbazen waren A. van Krimpen en C. de Zwart. De laatste begon hier zijn werk op 14-jarige leeftijd voor 13 cent per uur. Zodra er genoeg wind was, was het werken geblazen, dikwijls van 's morgens 5 tot 's avonds 9 uur. Rechts van deze imposante houtzaagmolen 'Ons Genoegen' (Ongenoegen zeide sommigen wel eens) staan hoge populieren. De 'Notenkade' is duidelijk zichtbaar. Een der bootjes die bij de molen liggen behoorde aan oud­burgemeester L. Looij. In het Balkengat lag ook dikwijls het motorbootje Topsie, waarop Aart Herwig allerlei boodschappen in Dor­drecht e.d. voor Cornelis Smit deed. In 1950 word Cornelis Verolme eigenaar van de scheepswerf en heeft grootse plannen waarvoor de houtzaagmolen een sta-in-de-weg vormt. In 1952 wordt de molen na veel geharrewar gesloopt en de onderdelen bij de Fa. Kloos in Kinderdijk opgeslagen In 1954 worden de onderdelen in Haarlem opgeslagen met de bedoeling de in Haarlem afgebrande molen "Adriaan" te herbouwen. In 1968 is dit plan vanwege de hoge kosten nog niet uitgevoerd en liggen de onderdlen nog opgeslagen bij de Firma Figee in Haarlem. In 1971 brandt de poldermolen "De Kat" in Uitgeest af. In 1973 wordt de afgebrande poldermolen "De Kat", herbouwd met onderdelen van de opgeslahgen molen "Ons Genoegen". In 1999 is de molen "Adriaan" in Haarlem herbouwd.
Afkomst: Oud Alblasserdam 44 Collectie A. de Jonge & Zn
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0326
Titel: Beukmolen
Locatie: Alblasserdam
Beschrijving: De "Beukmolen" (hennepklopper) deze molen stond op de weering van het Kielgat en werd gebruikt om de aangevoerde hennep te kloppen, hierdoor kwamen de vezels los en werden ze gebruikt in de Touwbaan. Van deze vezels maakte de touwslager na het spinnen touwwerk. De molen is ongeveer 1984 afgebroken ivm de dijkverzwaring.
Afkomst: Oud Alblasserdam 50 Collectie A. de Jonge & Zn.
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0328
Titel: Graafstroom
Locatie: Alblasserdam
Beschrijving: Graafstroom. Is gebouwd op de werf van Cornelis en Jan Smit, bouwjaar 1879. Tonnage 150 tn, volgens de oude meting. Het schip is in 1899 verkocht aan Haugesund en in 1899 tussen Darien en Ierland gezonken. Eigenaar was J. Smit Czn uit Alblasserdam Kapiteins waren: · W.K.H.E. Rösing, 1879 · A.K. Hoek, 1882 · P.J.Teensma, 1889 De Graafstroom was het laatste houten schip dat door de werf van Smit te Alblasserdam gebouwd is. Het schip heeft enkele jaren ter verkoop in het Kielgat gelegen, naast het terrein van Vroege. Het Kielgat was eigen­dom van Cornelis Smit, in de vroegere ja­ren werden de zeilschepen "omgehaald", dat wil zeggen dat het schip door middel van kabels werd scheef getrok­ken. Zoveel mogelijk masten en tuigage wer­den van het schip afgehaald. Aan het onderste stuk van de masten werden kabels bevestigd die aan de Weering-zijde onder het schip doorgehaald werden. Met behulp van takels werden ze vastgemaakt aan in de Kade ingegraven ankers en met enkele kaap­staanders werden de schepen "omgehaald". Daardoor werd de huid van het schip bereikbaar om die te repareren. In de houten scheepshuid moesten soms nieuwe stukken ingezet worden. Daarop kwam teerpapier en vervolgens koperen platen om aan­groeien van de huid te voorkomen. Als dit aan stuur­boordzijde gebeurd was, keerde het schip op de Noord en kon ook de bakboordzijde onderhanden worden genomen. De Weering is de kade, waarvan het verloop op de foto duidelijk zichtbaar is en die het Kielgat omsluit. Aan de andere zijde van de Weering, was ook een open kreek op de Noord, die onder de bruggen van le en 2e Kade doorliep naar het Balkengat op de werf van Cornelis Smit. De "Graafstroom" heeft enkele jaren ter verkoop in het Kielgat gelegen naast het terrein van Vroege aan het Op de voorgrond het scheepje van schipper Herwig. Op de punt van de Weering stond een molen, de z.g. Beukmolen, waarvan de contouren nog zichtbaar zijn door de tuigage
Afkomst: HVWA
Foto van: Historische Vereniging West-Alblasserwaard
Fotonummer: B0329
Titel: Scheepswerf
Locatie: Alblasserdam, Het Stoep 2952AB
Afkomst: HVWA

 

Deelnemer gegevens